Stadspenning 2Op een bankje zitten, een praatje maken met bewoners, luisteren en vragen wat zij voor hen kunnen betekenen, dat was de start van Willem en Nol op het Teniersplantsoen in de Haagse Schilderswijk, nu tien jaar geleden. Zo ontstond het Stagehuis, een huis voor jongeren om stage te lopen in de Schilderswijk. Een plek waar zij met hun vragen en problemen terecht kunnen en waar zij gestimuleerd worden om hun dromen te realiseren. Het Stagehuis is een succes en wordt gewaardeerd zo blijkt uit de overhandiging door wethouder Baldewsingh van de stadspenning Den Haag aan Willem en Nol. Maar hoe past zo’n burgerinitiatief in het huidige participatiebeleid van de gemeente Den Haag?
 
Informeel
Willem Giezeman en Nol Breebaart, twee vrienden die hun pensioentijd wilden doorbrengen met betekenisvol werk. De een van beroep stadsvernieuwer en de ander timmerman, een gouden duo. Willem de creatieve geest, energiek, levenslustig en optimistisch en Nol rustig, praktisch en weloverwogen.
Informeel werken, aansluiten bij wat er gaande is, meebewegen met de dynamiek van de wijk en ideeën mogelijk maken. Een houding van ‘iedereen is welkom, alles is mogelijk, we vertrouwen elkaar en voor elk probleem is een oplossing’, kenmerkte hun werkwijze. De sleutels van het Stagehuis zijn een mooie metafoor. We schreven er eerder een blog over: er waren ér meer dan veertig in omloop. In al die tien jaar is er nooit ingebroken of iets gestolen; het Stagehuis is van en voor bewoners.

Schilderswijktour
In 2013 ontmoeten we hen bij de start van ons onderzoek Plekken van betekenis in de Schilderswijk. Wij herinneren ons nog hun wat sceptische houding; weer twee onderzoekers van buiten die vrijblijvend een kijkje nemen in de Schilderswijk en daarna een mooi maar duur rapport voor in de la maken. We gaven hen geen ongelijk maar al vrij snel bleek hun werkwijze overeen te komen met die van ons; aansluiten bij wat er al is en de Schilderswijk zelf aan het woord laten.
Dat begon toen we een Schilderswijktour wilden organiseren met jongeren uit de wijk die hun plekken van betekenis laten zien aan professionals, politici, beleidsmakers en journalisten. Willem en Nol brachten ons in contact met Zoulikha en Kaoutar, twee felle, slimme meiden van Marokkaanse komaf. Met hen hebben wij tientallen wandelingen gemaakt langs plekken die voor hun een speciale betekenis hebben: langs de bakker waar zij hun energydrankje kopen, de drukbezochte ING bank waar hun ouders cash geld wisselen, de mozaïkbank op het Teniersplantsoen waar zij chillen met vriendinnen, het koffiehuis waar alleen hun vader en broers komen, voor de (toen gesloten) deur van de bibliotheek waar zij hun huiswerk maakten en langs de moskee met een aparte ingang voor vrouwen. In het Stagehuis begon en eindigde de tour aan de grote ovalen tafel waar iedereen gelijk is.
En ook onze vraag aan Jan Rothuizen om een tekening te maken van het Teniersplantsoen om het dagelijks leven van een plein in deze (zo vaak als negatief bekend staande) wijk te laten zien, sloeg aan bij hun werkwijze. Toen de tekening paginagroot in de Volkskrant verscheen, waren niet alleen Zoulikha en Kaoutar maar ook Willem en Nol apetrots.

Stagehuis huiskamer Mobile 2 Nieuwe generatie
Bij hun drukbezochte afscheid op zaterdag 21 april j.l. blijkt het Stagehuis het centrum te zijn van het Teniersplantsoen met bruisende activiteiten voor kinderen en jongeren. Het jonge duo Yassine Abarkane en Bas Koeleman is nu de drijvende kracht achter het Stagehuis. Hun emotionele afscheid van Willem en Nol liet zien hoeveel zij betekend hebben voor de realisatie van hún dromen. De informele werkwijze zit in het bloed van deze twee jonge gasten. Bas is verantwoordelijk voor de BSV, een bloeiende sportvereniging waar meer dan 300 jongeren en kinderen uit de Schilderswijk lid van zijn. Yassine is verantwoordelijk voor het dagelijks reilen en zeilen van het Stagehuis en voor projecten als ‘Buurtbroeders’ (preventieteam van jongeren), ‘Strijders’ (toneelvoorstelling met jongeren over dromen, radicalisering en identiteit), ‘Dik voor mekaar’ (praat- en sportprogramma voor kinderen met overgewicht).

Burgerparticipatie
Het Stagehuis vervult een belangrijke rol in de Schilderswijk. Daar is iedereen het wel over eens. Maar hoe passen initiatieven als het Stagehuis in het beleid van de gemeente Den Haag? In 2012 lanceerde de gemeente de ‘deal Schilderswijk’. In ons rapport waren we kritisch: teveel van bovenaf, teveel problemen stevig aanzetten om ze vervolgens krachtdadig te lijf te gaan. Inmiddels heeft de gemeente een nieuwe aanpak. Sinds 2016 is het Actieplan Burgerparticipatie 2016-2020 van kracht. Participatie is niet meer alleen inspraak, maar biedt ook ruimte voor burgerinitiatief, om het maar even heel kort samen te vatten. De gemeente erkent bijvoorbeeld dat bewonersorganisaties en sociale ondernemers belangrijke maatschappelijke taken kunnen hebben. Er is dan ook een voorzichtig begin met ‘right to challenge’, overdracht van taak en budget van gemeente naar burgerinitiatief.
Frontlijn werken is een kernbegrip in de nota. Dat is waar ‘burgers en overheid elkaar treffen in de stad, in de wijk’. Daar moet je kijken wat er gedaan moet worden en wie het meest geschikt is om dat op te pakken. Dat kan de gemeente zijn, maar het kan ook een andere maatschappelijke organisatie of een (sociale) ondernemer zijn. Het Stagehuis bevindt zich aan de frontlijn (als je dat begrip al wilt hanteren), pakt al tien jaar een maatschappelijke taak op. Het actieplan spreekt waardering uit voor degelijke initiatieven.
De gemeente wil graag ambtelijke bureaucratie wegnemen, kennis leveren, uitwisseling organiseren, etc. Dat is nuttig, maar hoe gaat ze in de toekomst daadwerkelijk om met een vrijwilligersorganisatie die professionaliseert, met een organisatie die niet op gemeentelijk initiatief is ontstaan en die haar eigen agenda heeft geformuleerd? Daar is de nota nog vaag over.

Simon Franke, Lenneke Overmaat, Arnold Reijndorp schreven Plekken van betekenis in de Schilderswijk – Publiek domein als strategie. Dat is beschikbaar als gratis download.

Het Actieplan Burgerparticipatie van de gemeente Den Haag is hier le lezen.

Milikowski omslagFloor Milikowski schreef met Van wie is de stad een bestseller over de verwording van Amsterdam tot een stad voor hoger opgeleiden, meer verdienenden en toeristen. Het is een behoorlijk zwart beeld over een stad die ten ondergaat aan het eigen succes. Het leest bedoeld of onbedoeld als een aanklacht tegen het politieke bestuur en de beleidsafdelingen van de stad.

Een boek voor publiek debat
Een levendig boek, een plezier om te lezen; een soort cultuurgeschiedenis van de Amsterdamse stadsontwikkeling in de afgelopen decennia. Een boek dat voor de vakwereld van stadsontwikkelaars misschien niet zo heel veel nieuws bevat, maar het belang van het boek ligt dan ook ergens anders. Met kennis van zaken en gebruikmakend van de stemmen van heel veel mensen uit die vakwereld weet zij buiten elk vakjargon te blijven en een toegankelijk verhaal te schrijven over vastgoedontwikkelingen, over gentrification, over het verdwijnen van de middengroepen en vooral over de onstuitbare groei van het toerisme. Daarmee bereikt ze een breed publiek. Dat kan effect hebben op de publieke opinie en uiteindelijk hopelijk ook op politiek en beleid.

Parkwijk Haarlem3 Mobile‘Haarlem alleen voor de rijken?’ Onder die titel hadden we ook in mijn eigen woonplaats in de aanloop naar de verkiezingen voor de gemeenteraad een debat over de woningmarkt.
Ik ging er niet zozeer heen om de standpunten van de politieke partijen te horen, die waren weinig verrassend en met twaalf partijen die aan het woord mochten komen is er niet veel ruimte voor verdieping. Toch was het een levendige en interessante bijeenkomst door verschillende inhoudelijke bijdragen. Ik wist altijd al wel dat Haarlem behoorlijk gesegregeerd is, maar deze avond gaf mij een scherper beeld.

Zijlweg Haarlem MobileVerdringing door Amsterdammers
Haarlem is, vooral bij Amsterdammers die hun eigen stad te duur vinden, bijzonder populair. Maar ook voor hen wordt Haarlem onbetaalbaar en is er nauwelijks aanbod, niet in de koopmarkt en niet in de huurmarkt. Om nog maar te zwijgen voor Haarlemmers die het huis van hun ouders willen verlaten of doorstromen. Zij worden uit de markt gedrukt door de toestroom van buiten.
We praten dan wel over de populaire wijken van Haarlem. In bijvoorbeeld Schalkwijk, met ruim 30.000 inwoners de grootste naoorlogse uitbreidingswijk van Haarlem, ligt de vierkante meter prijs op zestig procent van die populaire wijken.


Evicted‘Home is the center of life’, schrijft Matthew Desmond in Evicted – Poverty and profit in the American City. Acht families zijn de rode draad in zijn boek, families voor wie een dak boven het hoofd niet vanzelfsprekend is. Die families staan voor miljoenen Amerikanen die met regelmaat uit huis gezet worden omdat zij de huur niet kunnen betalen. Desmond schreef een magistraal boek met verhalen die zo uitzichtloos zijn, dat je het boek met regelmaat moet wegleggen omdat zoveel ellende niet te behappen is. ‘Home is the center of life’, maar als je geen ‘home’ hebt kom je in een spiraal van armoede, werkloosheid en criminaliteit terecht. In Nederland is het niet anders: eerst huisvesting en dan aanpak van problemen, andersom werkt niet.

Uitzetting veroorzaakt armoede
Huisvesting is een basisrecht voor iedereen. En een eeuw lang was het in de VS net als elders gebruik om zo’n 30 procent van je inkomen te besteden aan woonlasten. Dat was vroeger, inmiddels betaalt het merendeel van de armen in de VS meer dan de helft van hun inkomen aan huur. Dat lukt dus velen niet en huisuitzetting is het gevolg. In Milwaukee (waar de auteur zijn boek op heeft gebaseerd) wordt in een jaar tijd 1 op de 8 arme huurders geconfronteerd met uitzetting en vreest een zelfde aantal huurders dat dat binnenkort staat te gebeuren.
Huisuitzetting betekent een leven op straat, in verlaten slooppanden, in opvangcentra, bij familie. Maar het betekent nog veel meer. Uitzetting is niet alleen een gevolg van armoede, het is de belangrijkste veroorzaker van armoede. Het verbreekt gemeenschappen, het duwt kinderen in de criminaliteit, het maakt het onmogelijk om regelmatig werk te hebben, veroorzaakt ziekte en depressie.

saskia sassen MobileDe ‘financialisering’ van de economie ondermijnt onze steden. Socioloog en econoom Saskia Sassen vertelde erover in de Balie op 29 november j.l. Zij schetste een wereld waarin vastgoed (en de financiering daarvan) er niet is om te worden gebruikt voor huisvesting van bewoners, bedrijven of maatschappelijke instellingen, maar waarin het de onderlegger is voor een reeks van financiële constructies en producten waarmee maximaal geld te verdienen is. Haar verhaal geeft voeding aan het project De rechtvaardige stad, een initiatief van Wouter Veldhuis van MUST en Simon Franke van Trancity.

Uitstoting
Al was de boodschap van Sassen duidelijk, haar verhaal in de Balie was niet altijd even helder. Maar geïnspireerd trok ik een boek van haar uit 2015 uit de kast. Toen aangeschaft, maar nog niet gelezen. Uitstoting, brutaliteit en complexiteit in de wereldeconomie is de Nederlandse titel. Een breed verhaal over armoede, milieuvernietiging, maar vooral ook over het financiële systeem. In een hoofdstuk in het boek (Het financiële systeem en zijn ‘vermogens’: crisis als systeemlogica) beschrijft ze wat er sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw is veranderd. Tot die tijd hadden we een Keynesiaans model waarin de welvaarsstaat erop was gericht dat iedereen mee kon doen. Volledige werkgelegenheid en een vangnet voor als het misging. Dat was ook in het belang van de grote bedrijven. Met meer arbeid werd door hen meer geld verdiend en meer arbeiders (met inkomen) betekende meer consumenten en verkoop van producten. Inclusie was toen de logica van het systeem, uitstoting lijkt volgens Sassen de logica van deze eeuw. In die ontwikkeling zijn de financiële instellingen meegegaan. Banken hebben een rol in de reële economie. Ze leveren bijvoorbeeld een product (lening) waarvoor je een prijs betaalt (rente). Met die lening kan je een huis kopen of een bedrijfsinvestering doen. Maar nu faciliteren de banken ook de financialisering van de economie.

BindingFoto SmallEen uitgever maakt fysieke boeken voor verkoop via boekhandel en webwinkel en opent een extra markt met een epub versie, meestal voor een wat lagere prijs dan het ‘echte’ boek. In februari van dit jaar publiceerde trancityxvaliz Binding Genoeg, de stad en het geheim van aangenaam samenwonen, een essay van Annemarie Kok in onze nieuwe serie Stadsessays. We kozen voor een andere aanpak dan gebruikelijk: de focus lag op gratis downloads met als ‘bijproduct’ een gedrukte versie. We maken negen maanden later de balans op.

Digitale publicaties
In een recente blog inventariseert Michiel van Raaij, hoofdredacteur van Architectenweb, de ontwikkelingen van digitale architectuurboeken; waar niet veel schot in zit. Van Raaij wijt dat voornamelijk aan de formats van e-publicaties, die te weinig mogelijkheden bieden voor illustraties en zonder foto’s en illustraties is een architectuurboek niet compleet. Natuurlijk kan je ook epubs maken met illustraties etc, maar dat maakt het wel meteen veel duurder en ingewikkelder, dus hij heeft een punt. Maar ook in ‘gewone’ leesboeken ontwikkelt de markt voor epubs veel trager dan verwacht. In de Verenigde Staten loopt de verkoop op dit moment zelfs terug. Het blog van Michiel van Raaij was voor mij aanleiding om eens te kijken hoe het ons met Binding Genoeg is vergaan.

Hoe gaat het verder met de Binckhorst, een binnenstedelijk bedrijventerrein van 130 hectare  in Den Haag. I’M BINCK van urban curators Sabrina Lindemann en Bram Heijkers organiseerde begin oktober weer een I’M Binck-festival. Binnen het festival was een discussie over programma en toekomst van het gebied. De inzet is organische groei en transformatie met de combinatie van oude en nieuwe industrie met woningbouw en recreatie. Op de bijeenkomst kon je bijna voelen dat het gebied op een kantelpunt zit. Komt dat diverse stadsprogramma met maatschappelijke waarden er, of is de druk van de (woning)markt te groot?

Binckhorst1
Kernwaarden
Met belanghebbenden uit het gebied formuleerde I’M BINCK de kernwaarden van het gebied. Vijf worden er kort uitgewerkt: 1. Authentiek, ambachtelijk werk-woongebied; 2. Rauwe, spannende rafelrand(en) in de stad; 3. Grote diversiteit, leidend tot ontmoeting en innovatie; 4. Dynamische experimenteerruimte, altijd in beweging; 5. De verrassende Haagse waterkant. Hier na te lezen.
De kwaliteiten en mogelijkheden van het gebied komen daarin helder naar voren. Maar daar ging de bijeenkomst niet over. Iedereen  onderschrijft die kernwaarden. Kan je ze ook realiseren? Jaren gebeurde er weinig in de Binckhorst vanwege de financiële crisis, alleen de leegstand groeide. Daar komt verandering in. Er is investeringskracht en ook Den Haag voelt de druk op de woningmarkt toenemen.


20170629 155840 MobileHull, havenstad in Noordoost Engeland, heeft een beroerde reputatie. Armoede en werkloosheid. Verval na het verdwijnen van de visserij. Sindsdien staat Hull bekend als een stad waar je niet moet zijn. Op alle ‘foute’ lijstjes staat Hull bovenaan. Die cijfers kloppen vast wel, maar er is meer dan statistiek.

Na vijf dagen Hull ga je van de stad houden. De bewoners zijn toegankelijk, direct en enorm behulpzaam. En je ‘proeft’ de dynamiek; er wordt geïnvesteerd en overal zijn nieuwe initiatieven. Dit jaar is Hull UK City of Culture en dat wordt in de hele stad gevierd.

Abonneer u nu op de nieuwsbrief over onze publicaties en programma’s